Maandag 14 september, interne competitie RSC Belgisch Park, 2de ronde. Met tekst en uitleg!


Jan Wuister – Gerard Milort


1.c4 f5 2.d4 e6 3.Pc3 b6 4.Pf3 Lb7 5.a3 Pf6 6.e3 Le7 7.Ld3 0–0 8.0–0


Stelling na 8.0-0


Een grappige stelling, het lijkt op Hollands (is het ook), maar met b6 erbij is het eigenlijk een gespiegelde Larsen opening, of Bird (met wit). Ik volg zo met De8 ook het plan dat wit anders doet in deze opening. Echt Hollands is zonder (snel) b6, denk ik. De strijd gaat hier onder meer om het centrum en om veld e4. Kan zwart dat veld met en stuk bezetten; komt wit zelf tot e4, of komt zwart tot e5 en e4?! Wit kan op zijn beurt zelf ook doorstoten met d5, om zo de loper van b7 in te snoeren.


8…De8 9.Te1 Dg6


Stelling na 9…De8-g6?!


Om druk op e4 te houden en alvast naar g2 te kijken, maar ‘normaal’ is Dh4 en Pg4 in de witte variant van de Bird. Maar Jan is voorzichtig, dus hij gaat g2 alvast dekken. Aan de structuur van de stelling kun je zien dat zwart zich richt op de koningsvleugel, daar staan mijn stukken op gericht; terwijl wit het van spel op de damevleugel moet hebben, waar het spel domineert.

10.Lf1 d6 11.d5 e5 12.b4 Pbd7 13.Lb2 h6 14.h3 Dh7 [14...a6 kan ook al meteen, al is Pb5 nu nog niet erg, want ik dekc7 met Ld8 en jaag daarna het paard weg met a6] 15.Ph2 g5


Vraag: was het verstandig van wit om met h3 en Ph2 alvast twee zetten op ‘mijn’ vleugel te spelen, zonder zelf actief te worden op ‘zijn’ vleugel?!


Stelling na 15…g7-g5


Duidelijk wat zwart wil: recht op de koning af. Larsen was een vermaard aanvalsspeler, net als zijn tijdgenoot en goede vriend Tal. De vraag is nu: wat moet wit hiertegen doen?!


Jan besluit het rigoureus aan te pakken. Hij reageert op de koningsvleugel. De vraag blijft of het niet beter was om c5 voor te bereiden en op activiteit op de damevleugel te spelen?!


16.g4 Tae8 [16...a6] 17.Lg2 [Nu was 17.Pb5 wel lastig geweest, want nu is na Ld8 18.Pxa7 mogelijk, bv. e4 19.gxf5 Dxf5 20.Pb5 (20.Pc6 Lxc6 21.dxc6 Pe5 22.b5 h5) en wit heeft tegenspel op de damevleugel] In de partij zal blijken dat wit hiermee straks te laat is... 17...a6


Stelling na 17…a7-a6


Toch maar even Pb5 uit de stelling halen. Wit moet nog steeds zijn heil op de damevleugel zoeken en had zo snel mogelijk Tc1 en c5 moeten spelen. Eerder al, eerlijk gezegd. Op het moment dat wit gevaarlijk gaat worden op de damevleugel moet zwart daar aandacht aan gaan geven, en kan hij niet verder blijven gaan met zijn eigen aanval op de koningsvleugel. Daarom moet je dus niet te lang wachten met tegenspel creëren. Want nu dicteert zwart het spel en loopt wit er achteraan.


18.b5 [structureel fout, want deze vleugel moet juist open gaan voor wit! Met 18.Dc2; of 18.Pf1 verdedig je jezelf, en daarna alsnog c5, je enige breekzet spelen. Met b5? verhindert wit zijn eigen breekplan.] 18...a5 [Dicht gooien die kant! 18...Pc5 kan ook, maar ik wil ook de optie e4 en Pe5 nog even openhouden.] 19.Lc1 [19.Dc2] 19...e4 [19...Pc5 kon ook hier weer, maar dat had geen haast]…


Stelling na 19…e5-e4


Wit moet nu lijdzaam toezien hoe de oprolmachine zijn werk gaat doen. Ook nu geldt nog steeds de gouden regel: doe zelf zo min mogelijk zetten op de vleugel waar je tegenstander (veel) sterker is. Alleen als het echt niet anders kan. Want je helpt je tegenstander alleen maar, door meer aanknopingspunten te geven, en door zijn snelheid te vergroten. Hij is dan eerder zij zijn doel!


Hoewel Jan dit wel weet, wint zijn voorzichtigheid het toch. Hij laat zich verleiden tot een tegenactie in het centrum. Het gevolg is dat ik nog meer ruimte en open lijnen krijg voor mijn stukken. Merk ook op dat de ‘ingesloten’ loper op b7 klaar staat om via c8 (en g4) weer mee te gaan doen. Het uitlokken van d5 heft tot het bezit van veld e5 geleid. De loper heeft zijn taak gedaan op b7, en keert zo meteen weer terug naar de andere kant van het bord.


20.f4? [20.gxf5 Dxf5 21.Tf1 Pc5 22.f3 en ook dan heeft zwart voordeel, maar minder erg dan in de partij] 20...exf3 21.Lxf3 Pe5 [21...Pe4 22.Pxe4 fxe4 23.Lg2 Lf6 24.Ta2 Pe5] 22.De2 [beter was 22.Tf1; of ook 22.gxf5 Dxf5 23.Lg2 Pxc4 24.Tf1 Dg6] 22...Lc8 [eerst 22...Pxf3+ 23.Pxf3 fxg4 24.hxg4 Pxg4 25.Lb2 Lc8 kon ook, maar vaak is het beter eerst alle stukken gereed te zetten, en dan pas te ruilen en de stelling te openen].


Stelling na 22…Lb7-c8


Als wit nu op f5 ruilt sla ik met de loper terug, en dreigt er (na Lxf5) zowel Lxh3 als Ld3 en Lxc4. Dat is niet prettig, dus is het eigenlijk al te laat voor ruilen op f5. Maar nu dreig ik zelf op g4 te slaan… Wit probeert nog een verdediger bij de koning te halen. Het gevolg is wel dat er nu veel stukken op zijn onderste rij komen te staan. 23.Pd1 Pxf3+ [23...fxg4 24.hxg4 Pfxg4 25.Lxg4 Lxg4 26.Pxg4 Pf3+ 27.Kh1 Pxe1 28.Dxe1 De4+ is ook goed] 24.Pxf3 fxg4 25.hxg4 Lxg4


Stelling na 25…Lc8xg4


Zwart heeft de verdedigende witveldige loper af geruild tegen een paard, en een pion veroverd; en kan nu gaan oprukken met de h- en g-pion, ondersteunt door het loperpaar en een paard. De witte stukken hebben nog steeds moeite om de koning goed te beschermen. 26.Dg2 Lxf3 27.Dxf3 Pe4 28.Dg4 Lf6 29.Ta2 h5 30.Dg2


Stelling na 30.Dg4-g2


Opnieuw een aardige stelling. Alle stukken van zwart staan op de linkerhelft van het bord, gericht op de koning. Wit heeft nog drie stukken op de andere vleugel staan, en ook drie op de onderste rij… Het is nu niet moeilijk meer. Zwart heeft vele mooie en goede zetten. Le5 is een mooie zet, maar ook g4 gevolgd door Pg5 (of eerst Lh4), en na Pg5 dreigt er bv Ph3+ of Pf3+… Althans, mits dat paard er niet gewoon af gaat dan, want de g-pion staat wel gepend! Daarom doe ik uit voorzorg nu Dg6, al is dat strikt genomen geen oplossing. Want de dame staat daar niet gedekt, waardoor er nog steeds sprake kan zijn van een penning van pion g5… Maar zoals Jan het (in wanhoop) speelt, maakt dat niet meer uit. 30.Dg2 g4 31.Tf1 Dg6 32.Tf4 Pg5 … Er dreigt een kleinigheidje op h3.


Stelling na 33.Ta2-f2?!


Er is niet zo veel meer aan te doen. Na zetten als Ph3 en Le5 en ook Db1! is de lol er voor wit wel vanaf. Er volgde (en misschien wel juist daarom…) 33…Taf2?! En nog voor dat ik 34.Ph3+ kon spelen met een groot familieschaak gaf Jan het op. 0-1.


Belangrijke les hieruit is dat de strijd om het centrum vanaf zet 1 belangrijk is. Niet alleen om de bezetting van de velden in het centrum, maar juist ook om de controle over de velden. Wie kan er gebruik maken van het centrum om zijn stukken naar goede velden te sturen… Wie controleert de nauwe doorgang midden op het bord, zoals dat vroeger in de (oorlog) strijd ook gebeurde. In de slotstelling zie je bv dat de (zwakke) witte pion op e3 de eigen stukken in de weg staat, zonder echte invloed in het centrum, en zonder de zwarte troepen tegen te houden. De zwarte zwakte op c7 staat echter onbedreigd nog overeind, nu wit geen tegenspel ontwikkeld heeft met c5 en breken.


Dat openbreken van de stelling is erg belangrijk. Daarom wordt in het Stappenplan voor de jeugd veel aandacht besteed aan de trits ‘structuur-spanning-slopen’… Dit duidt op de pionnenstructuur (die vastligt), de aanknopingspunten (pionnen) die aangevallen gaan worden (door andere, vijandelijke pionnen), waardoor er spanning tussen de pionnen ontstaat; en tot slot worden er (op het juiste moment) pionnen geslagen en wordt de structuur ‘gesloopt’.


Zo breek je door de verdediging heen, mits op de juiste vleugel uitgevoerd. En dat is de vleugel waar je zelf sterk staat, meer stukken op hebt gericht, en aanknopingspunten hebt gecreëerd.


Tot zover, einde oefening en einde les…


Groet, Gerard Milort


Ik liet het Jan eerst lezen en vroeg hem wat hij er van vond. Bijgaand zijn reactie. Dank je, Jan! 😊


Van: Jan Wuister <jd.wuister@gmail.com>
Verzonden: dinsdag 22 september 2020 21:37
Aan: Gerard Milort <milort@casema.nl>

Hoi Gerard, 


 Een duidelijke les, met voor mij als nieuw en belangrijkste leerpunt de

gouden regel: 

Wat ik wel wist, maar, doordat ik 1 nog niet kende, hier niet goed kon toepassen is de regel: 

Ik waardeer de aandacht die je besteed aan mijn partij zeer: goede feedback is altijd welkom!


Met hartelijke groet, Jan 



Op di 22 sep. 2020 om 17:57 schreef <milort@casema.nl>:

Hoi Jan,

 Bijgaand de trainingsgerichte analyse van onze partij…

 Voor ik er iets mee doe hoor ik graag jouw commentaar!

 PS: Hoop dat ik niet te hard, kritisch of onaardig voor je ben 😉

 Groet, Gerard M.