Verslag 4 april


Veel publiek was gekomen voor de topper Sherief tegen Gerard M. Na een luttele 15 zetten vertrokken ze al weer teleurgesteld huiswaarts. Dit is wat Gerard er zelf over zei:


Beetje te moe voor een zware pot

Deze keer kan ik kort zijn over mijn eigen partij. Ik was een beetje moe en had zaterdag en donderdag ook al gespeeld. Daarom stuurde ik aan op een korte remise tegen Sherief. Kon hij zich ook sparen voor de externe wedstrijd met het 1e team op woensdag tegen Pisa. De gezamenlijke slotronde in Zoetermeer staat voor de deur en zowel het 1e als het 2e team spelen hun laatste pot. Sherief mag niet meer met het 2e mee doen nu hij al 3x in het 1e heeft gespeeld, en ik mag niet meer in het 1e spelen vanwege deelname in de KNSB. Het 1e is al veilig en het 2e kan geen kampioen meer worden. Toch wordt het nog wel spannend en beslissen deze matches mede over degradatie en promotie. Terug naar de partij van maandagavond. Ik had zwart, en omdat we al twee keer eerder een scherpe variant van de Austrian Attack van de Pirc hadden uitgevochten, had ik dat voorbereid. Maar Sherief had ook gekeken en wilde wat anders spelen. Hij vond een verliespartij van mij met de Pirc van enkele jaren geleden en koos voor die variant. Ik volgde zo’n 10 zetten lang die partij en week toen af. Dat bleek een verbetering te zijn. Vijf zetten later waren er enkele stukken geruild en was er niet veel meer aan de hand. Een goed getimed remiseaanbod deed de rest. Ook al stond wit nog wel wat beter, met minder tijd en nog een pittige wedstrijd voor de boeg nam Sherief het aan. Zo blijft hij in ieder geval aan de leiding in de 2e cyclus.


Nee, dan mijn partij met zwart tegen Ton. Daar werd er tenminste als vanouds gestreden. Helaas geen hoogstaande partij. Ik kwam zoals gebruikelijk matig uit de opening. Ton probeerde de boel open te breken voordat ik helemaal ontwikkeld was. Daarna volgden een hoop kleine foutjes aan weerszijden. Net toen ik het initiatief over wou nemen, offerde Ton een kwaliteit. Dat was achteraf toch niet zo’n goed idee. Ik miste daarna nog een goede voortzetting:



29... Dh6! Haalt het mat eruit en dreigt Td2. Dit is blijkbaar dermate vervelend, dat de beste witte zet 30.Dg7+ is en dat kost natuurlijk een stuk. Ik koos voor 29... Ld4, waarna loper en dame werden afgeruild en er ook nog een winnend eindspel overbleef.


Gerard Werkhoven kon tegen Bart pionverlies niet voor komen en bezweek later onder de aanhoudende druk.


Gerard van der Zijden hield Aat lang op afstand, maar het toreneindspel met een pion meer gaf Aat goede kansen. Toen de koning van Aat eindelijk op de 3e rij kwam, was het snel gebeurd.


Rob verloor van Jan.


Externe

Het derde speelde thuis tegen Rijswijk 5


Bord 6

Evert had iets teveel geofferd en kon een pionnen opmars niet meer tegenhouden. 0-1


Bord 2

Martin de Groot kreeg een koningsaanval te verduren. Daardoor werd het nogal tochtig rond zijn koning en dat overleefde de vorst niet. 0-2


Bord 5

Ruut liet zich niet afleiden door de dame tegenover zich en won de ene na de andere pion. Een aanval op de koning deed de rest. 1-2


Bord 3

Martin van Velzen had een stuk geofferd in de aanval, maar zag die niet meer terug. Wel bereikte hij een stand die vrijwel zeker remise was door herhaling van zetten. Of kon de tegenstander nog weglopen met zijn koning?



Gaat de koning naar h1, dan volgt Tg6 en wit moet de dame geven voor de toren. Dus ging de man van Rijswijk naar f1. Dat is echter mat in 12. Helaas zag Martin alleen eeuwig schaak. 1½-2½


Bord 4

Henk Verploegh won, maar ik weet niet meer hoe. 2½-2½


Bord 1

Hier speelde Herman en hij zond mij een uitgebreide analyse van zijn partij. Hij was dermate interessant, dat ook Gerard Milort er iets over stuurde. Een beetje dubbelop, maar twee verschillende inzichten kan interessant zijn.


Roger van Groesen - Herman Lucas [E68]

Externe competitie RSCBP 3 - Rijswijk 5 2015/16 Scheveningen, 04.04.2016

[aantekeningen door Herman Lucas]


De laatste wedstrijd van het seizoen, en met een positie in de middenmoot, zowel voor onze tegenstander Rijswijk 5 als voor onszelf, was er niets meer te winnen of te verliezen. Gewoon lekker gaan schaken was dus het devies. Mijn tegenstander opende met de d-pion, wat me de kans bood om mijn geliefde Koningsindisch te spelen, wat bijna een garantie is voor een interessant en gecompliceerd gevecht. Dat zou hier ook het geval zijn. 1.d4 Pf6 2.Pf3 g6 3.g3 Lg7 4.Lg2 O-O 5.c4 d6 6.Pc3 c6 Een zet die ik vaker speel. De loper op g2 heeft zo veel minder kracht, en het is moeilijk voor wit om iets met veld d5 te bereiken. 7.O-O Pbd7 8.e4 e5 9.dxe5 dxe5 10.Le3 Pg4 11.Te1 Om principiële redenen keur ik deze zet af. Wit moet de zwartveldige loper behouden, om later tegen zijn zwarte tegenhanger op g7 goed gewapend te zijn, als deze bij het openen van de stelling actief wordt. Zonder deze loper kan wit flinke druk over de zwarte velden verwachten. 11... Pxe3 12.Txe3 De7 13.Lh3



Wit dreigt hier via ruil op d7 of c8 een van wits lichte stukken af te ruilen, wat zwarts aanvalskracht zal beperken. Dat wilde ik voorkomen en speelde daarom 13... f5 Dit is een zet die je als zwart altijd wilt spelen, mits goed getimed. Zwart begint aan een riskante onderneming. 14.exf5 gxf5 Het ziet er misschien gevaarlijk uit, maar zwart lijkt alles onder controle te hebben. 15.Ph4 Pc5 Zo komt zwarts andere loper in het spel. 16.f4 Wit hoopt te profiteren van de penning van de zwarte e-pion. Maar zwart hoeft uiteraard niet te slaan (we zijn per slot van rekening geen dammers): 16... e4 17.Te2 Wit is bang dat zijn toren in moeilijkheden komt en haalt hem terug. 17... Le6 Ik was van plan om 17... Pd3 te spelen. Ik liet dat achterwege omdat ik bang was voor 18.Dxd3? dat echter wordt weerlegd door 18... Dc5+ (18... exd3 19.Txe7) 19.Kh1 (19.De3 Ld4) 19... exd3 en zwart wint.; 17... Df7 18.Td2 speelt alleen maar wit in de kaart. 17... Pd3 18.Dd2 Dc5+ 18.Tc2 Wit gaat verder met het onschadelijk maken van zijn eigen toren. Hij wil indirect de pion op c4 verdedigen, maar die hoeft zwart helemaal niet te pakken. Beter was 18.Tg2 om daarna met 19.g4 verder te gaan, wat er zeer gevaarlijk voor zwart uitziet. 18... Tad8 Sterker is 18... Pd3 19.Dh5 Ld4+ (19... Pxb2 20.Kh1 Pxc4 21.Te1 en zwart staat twee pionnen voor. 21... De8. 19.Dh5 Ld4+ 20.Kh1 Df6 21.Lf1 Wit is bang voor 21... Pd3 22.Lxd3 exd3 23.Tcc1 Na 23.Td2 Lxc4 24.Te1 Lxc3 25.bxc3 Ld5+ 26.Kg1 Le4 heeft zwart de open e-lijn dicht gemaakt, en dreigt nu 27... Dxc3.

23... Lxc4 24.Td1


Wits paard op c3 heeft geen enkel veld, behalve b1. Dus wat speel je dan? 24... Lxc3??

Onbegrijpelijk. Tegen alle gezonde schaakwetten in ruilt zwart zijn meest actieve stuk af tegen wits slechtste stuk. 25.bxc3 Ld5+ 26.Kg1 Le4 Er was niets tegen 26... Dxc3 27.Tac1 Dd4+ 28.Kf1 d2 29.Dg5+ Kh8 30.Pg6+ hxg6 31.Dh6+ Kg8 32.Dxg6+ Dg7 33.Dxg7+ Kxg7 34.Tc2 Lf3 35.Tdxd2 Le4 36.Tb2 c5 en zwart heeft alle dreigingen geneutraliseerd. 27.Dg5+ Dxg5 28.fxg5 f4 29.Te1 Ld5 Direct winnend is het simpele 29... d2.



30.Txe4 d1D+ 31.Txd1 Txd1+ 32.Kf2 fxg3+ 33.Kxg3 Td3+ 34.Kg4 Txc3. 30.Te7 f3

[Overtuigender is 30... fxg3 31.hxg3 d2 32.Td1 Lc4. 31.Kf2 c5 32.g6 hxg6 33.Pxg6

Nu moet zwart nog uitkijken dat hij niet in een paardvork of iets dergelijks trapt. 33... Tfe8 34.Tae1 Lc6 Veel beter is direct het paard aan te vallen en de toren op e8 te verdedigen met 34... Lf7 35.Kxf3 (35.Txe8+ Lxe8 36.Pe7+ Kf7 37.Td1 d2) 35... Lxg6 36.Txe8+ Lxe8 37.Ke3 Lb5 38.h4 Ook na 34... d2


35.Td1 (35.Txe8+ Txe8 36.Txe8+ Kf7 37.Te1 dxe1D+ 38.Kxe1 Kxg6 en nu is er voor wit geen redden meer aan.) 35... Lf7 36.Kxf3 Lxg6 37.Txe8+ Lxe8 heeft wit het nakijken. 35.Txe8+ Txe8 36.Txe8+ Lxe8 37.Pe7+ Wit komt met tempowinst naar veld e3 en verhindert zo dat de zwarte d-pion doorloopt. 37... Kf7 38.Pf5 d2 De twee zwarte vrijpionnen houden wit als het ware in een houdgreep. De koning kan niet bij het promotieveld d1 komen. 39.Pe3 La4

En zo dwingt zwart stukwinst af. Het blijkt echter allemaal nog niet zo makkelijk, voor mij althans. Het was inmiddels zo spannend geworden dat ik niet meer fatsoenlijk kon noteren, vreselijke hanenpoten waren het gevolg, gelukkig waren ze voor mij nog net te lezen. Alle andere partijen waren inmiddels afgelopen, de tussenstand was 2½–2½ dus hing het eindresultaat van deze partij af. Ik zou deze glad gewonnen stand toch wel tot winst kunnen voeren? 40.Kxf3 d1D+ 41.Pxd1 Lxd1+ 42.Kf4



42... b5 Ik wilde nu een vrijpion op de damevleugel maken, maar waarschijnlijk is het centraliseren van mijn koning toch beter. 42... Kf6 bijvoorbeeld. 43.g4 b4 44.cxb4 cxb4 45.g5 a5 Allemaal heel logische zetten. Zwart gaat een vrijpion op de damevleugel creeren, en zo uiteraard winnen. 46.Ke3 Lc2? Zwart wil de pion op a2 veroveren, maar geeft wit zo nog kansen op overleven. Veel sterker was het bij de analyse door Gerard Milort ontdekte 46... a4 47.Kd2



47... a3! 48.Kxd1? (48.Kc1 Kg6 49.h4 Lf3 50.Kc2 Ld5 en zwart heeft alle witte dreigingen bezworen, en kan de pionnen op de koningsvleugel gaan opruimen.) 48... b3!!



49.Kc1 bxa2


En wit kan promotie van de pion niet voorkomen omdat zowel b1 als b2 niet voor de koning toegankelijk is. 47.Kd2 Lb1 48.a3



Heel ver weg begon me een angstig gevoel te bekruipen; ik zat een zekere winst weg te geven. 48... b3? Zwart kan nog steeds ruim winnen met 48... bxa3 49.Kc3 a4 50.h3 Kg6 51.Kb4 (51.h4 Kh5 52.g6 Lxg6 53.Kb4 a2) 51... a2. 49.Kc1 Lc2 50.a4 Kg6 51.h4 Kh5?

51... Lf5 52.Kb2 Le6 en zwart wint overtuigend, nog steeds. 52.Kb2



52... Kxh4?? En daar gebeurt het dan.; zwart geeft het helemaal weg. Om promotie van de g-pion te voorkomen moet de loper de dekking van pion b3 opgeven, en zo een remise toestaan. 53.g6 Lxg6 54.Kxb3 Le8 Tegen beter weten speelt zwart nog even door, alsof je geld uit de flappentap wilt halen terwijl je weet dat er geen geld op de rekening staat. 55.Ka3 Kg4 56.Kb3 Kf4 57.Ka3 Ke4 58.Kb3 Kd3 59.Ka3 Kc4 60.Ka2 Lxa4 en zwart kan niet promoveren op een veld dat door de loper wordt bestreken. De witte koning blijft heen en weer bewegen op a1 en b1, en verhindert zo de promotie. Theoretische remisestand dus, wat mijn tegenstander zichtbaar opgelucht meldde. Hij had er vorige week nog iets over gelezen, zei hij. Ja ja. Natuurlijk. 3-3


En nu die van Gerard:

Aardig was de partij van Herman Lucas met het 3e team tegen Rijswijk 5 waarover Hans verder zal berichten. Bij de analyse in de bar kwamen een paar leuke winstvarianten op het bord. Helaas kwamen deze niet op het bord, waardoor Herman op remise bleef steken, een half punt te weinig voor de overwinning. Die lag echter wel voor het grijpen, zoals een fragment uit zijn partij laat zien:


Stelling na 1.Kf2-e1


Herman heeft zwart en heeft aan een wilde partij met stukoffers en koningsaanvallen een stuk overgehouden en hij staat huizenhoog gewonnen. Hij moet alleen uitkijken dat hij niet met alleen een a-pion overblijft met de witte koning in de hoek, want dan is het remise. Herman ging verder met 1... Lc2 2.Kd2 Lg6, wat ook makkelijk had moeten winnen. Maar hij heeft hier twee mooie zetten die snel winnen. Ziet u ze al? De eerste variant is de doorbraak met de pionnen: 1... a3! 2.Kxd1 b3!


Stelling na 2... b3!


Op 3.axb3 volgt a2 en de koning is te ver af om a1D tegen te houden. Een mooi plaatje ontstaat na de zet 3.Kc1 bxa2


Stelling na 3... bxa2


De dubbelpionnen werken goed samen en zorgen er voor dat de koning niet bij het promotieveld kunnen komen. Een gemiste kans, maar toch een mooi resultaat. Het 3e team eindigt hiermee nog net in het linker rijtje. Speciale aandacht en applaus is op zijn plaats voor de topscoorders van het 3e team: aan het 1e bord Herman Lucas met 6 uit 9, en op het 4e bord Henk Verploegh met een fabuleuze 7 uit 8! Daarmee is Henk ook algeheel topscorer van de 4e klasse geworden. Hulde!


Afgelopen woensdag speelden het eerste en het tweede hun laatste wedstrijd in de gezamenlijke slotronde in Zoetermeer. Altijd gezellig zoveel teams bij elkaar. Gerard Milort kwam kijken en ik vroeg hem een verslag van het tweede te maken. Ik zou dan het eerste doen. Maar hij kon het toch niet laten om ook over het eerste te schrijven. Dus neem ik dat maar over en vul het hier en daar aan als ik wat anders te zeggen heb.


Spannende slotronde beslist over promotie en degradatie


Op woensdag 6 april streden zowel het 1e als het 2e team op de slotdag van de competitie om vooral de eer. Beide teams waren al veilig en konden niet meer kampioen worden.


Bij het 2e team had dat overigens maar een haar gescheeld of ze waren wel gepromoveerd. Het hele seizoen stonden ze bovenaan, tot zij in de voorlaatste ronde afreisden naar het ‘Pisa’ van het natte Noorden, waar zij de Scheve Toren mochten recht zetten. Tegen de verwachting in liet het 2e team de dure matchpunten in Pijnacker achter en keerde met een 4½- 3½ nederlaag huiswaarts. Weg eerste plaats, weg kansen op promotie, want de twee concurrenten wonnen wel en stonden nu respectievelijk gelijk met en boven ons team. De nieuwe leider DSC 7 was tevens de tegenstander in de laatste ronde. Bij winst in dit topduel komt het 2e nipt boven hen te staan met een half bordpuntje meer. Winnen van DSC 7 is al lastig genoeg. Maar het grootste gevaar kwam van Promotie 5, dat gelijk stond met ons team, maar nog mocht spelen tegen de nummer laatst en zekere degradant SHTV 4. Bij een ruime overwinning van Promotie en verlies van DSC konden de Zoetermeerders als derde hond er met het been vandoor gaan. Heel spannend dus. Na ongeveer anderhalf uur was er voor DCS geen vuiltje aan de lucht. Ze stonden overwegend goed en op enkele borden stonden ze zelfs gewonnen. Maar ‘It ain’t over until the fat lady sings’, en dat gold ook deze avond. Terwijl het 1e team nog bloedstollend streed voor een nipte overwinning kwam Gerard van der Zijden breed grijnzend vertellen dat het 2e ‘netjes’ met 4½-3½ had gewonnen en DSC dus nipt had ingehaald. Zelfs good old Tinus van Velzen, die echt heel beroerd zo niet verloren stond, had nog gewonnen. Net als Dennis Ramondt trouwens. Het Waterloo lag echter toch in Pisa annex Pijnacker, want door de reuze overwinning van promotie 5 (met 7½-½) op SHTV 4 vierde Promotie 5 vrolijk de onverwachte promotie naar de eerste klasse. Maar wat als-als-als we wel hadden gewonnen in Pijnacker... Dan?! Maar toch had Gerard Z. alle reden tot grijnzen. Met een fabelachtige score van 7 uit 7 (Clean Sheet!) is hij topscorer geworden van het team en van de gehele 2e klasse, en zelfs van de hele HSB competitie! Ook Sherief scoorde met 5 uit 6 in het 2e (en 4 uit 4 in het 1e en 1 uit 2 in de Beker; dus in totaal 10 uit 12) monsterlijk hoog. Grappig detail is dat ex-lid H. Tan, met 6 uit 7 op de topscorelijst 2e achter Gerard Z. en inmiddels speler van Promotie 5, uit dank voor de overwinning van het 2e op DSC € 10,- naar onze rekening heeft overgemaakt om een ‘kratje bier’ van te kopen als dank voor de getoonde sportieve inzet! Daar moet op gedronken worden!


Ik licht jullie nu verder in over de verrichtingen van het 1e team. Begonnen met drie nipte, doch trieste nederlagen, lag degradatie al voor de Kerst op de loer. Net als vorig jaar trouwens; toen moesten we wachten tot onze reuze stunt in de laatste ronde om ons, met een totaal onverwachte 6½-1½ overwinning op kampioenskandidaat Promotie 2, toch nog nipt veilig te spelen. Dit jaar deden we het anders. Net toen iedereen dacht dat wij het lekkere hapje uit de Promotieklasse waren deden we zelf een duit in het zakje. Mede degradatie kandidaat DD 3 werd met enig geluk en met de kleinste cijfers verslagen. Dat was de ommekeer van ons vlaggenschip. Nietsvermoedend kwam WSC 2 daarna bij ons op bezoek. De laatste jaren wist dit sterke team telkens nipt van ons te winnen. Ook nu waren onze verwachtingen niet hoog gespannen. Tot ieders verbazing liepen we tegen de Westlanders echter snel uit naar 4-0 en even later zelfs 6-0. Twee remises tot slot deden de onwezenlijke 7-1 overwinning op het scorebord verschijnen. De ‘Waterlanders’ klaagden na afloop nog nooit zo straf verslagen te zijn. Hun grootste nederlaag leden zij tegen ons, voorwaar geen gering succes. Het spreekt voor zich dat daarna ook de andere degradatiekandidaat, Rijswijk 2, met mooie cijfers verslagen werd: 6½-1½ tegen een op papier iets sterkere tegenstander. RSC Belgisch Park als een Phoenix herrezen uit de as! En een mooie klassering in de middenmoot, de vijfde plek was ineens de onze. In de voorlaatste ronde verloren we helaas nipt (3½-4½) van het sterke Botwinnik, dat daardoor de koppositie overnam van Promotie 2 en SHTV. Alle drie konden ze nog kampioen worden, waarbij SHTV-Botwinnik het fraaie affiche was in de slotronde, en promotie 2 tegen DSC 4 mocht aantreden. Ook onderin was het net zo (rete) spannend.


In de alles beslissende slotronde hing het lot van de Scheve Toren uit ‘het Pisa van het natte Noorden’ af van de dadendrang van ons 1e team. Terwijl DD 2 en Rijswijk 2 onderling gingen uitmaken wie nog een kansje had op overleven bij winst van RSC-Belgisch Park. Als DD2 zou winnen en wij ook, dan zouden Pisa en Rijswijk de pineut zijn. Scheve Toren had aan een gelijkspel tegen ons genoeg om zich te handhaven. Dan streden DD en Rijswijk om des keizers baard en zouden zij beiden afdalen. DD leek lange tijd op winst af te streven, terwijl RSCBP het goed deed tegen Pisa. Maar zoals altijd zat het venijn in de staart. Rijswijk vocht zich terug en won nipt, waarmee het doek voor DD was gevallen. Nu Pisa nog. Omdat het meer bordpunten had dan Rijswijk, volstond voor Pisa zelfs een kleine nederlaag tegen de onzen. Maar zij wilden de eer aan henzelf houden en streden tegen ons tot de laatste pion voor een matchpunt. Zou het hen gelukt zijn, of sloegen wij toe met noodlottige gevolgen voor de Pijnackers. Het was ons om het even, wij wilden gewoon winnen, en de uitkomst van de degradatiestrijd aan de anderen overlaten. Dat lukte ook nog bijna.


Bord 2

Sherief speelde weer eens de sterren van de hemel. In een Siciliaans met f4 nam Sherief met zwart het initiatief stevig in handen en zijn tegenstander kwam al snel in tijdnood. Via een pionoffer barste de zwarte aanval los en binnen ‘no-time’ was het mat in één. Het eerste bordpunt was binnen, en Sherief viel vier keer in en won alle vier de keren! 1-0


Bord 5

Hier gebeurde min of meer een drama dat we helaas wel eens vaker gezien hebben dit seizoen. Peter speelde met wit een voor hem bekende en wilde opening, waarmee hij veel beter kwam te staan met grote tijdsvoorsprong. Maar dan komt het middenspel en de overgang naar het eindspel. Wat doe je als je goed staat en meer tijd hebt dan je tegenstander. Mee vluggeren in zijn tijdnood en op de vlag jagen? Dat gaat niet altijd goed nu ieder steeds 10 seconden per zet increment krijgt. Peter had rustig de tijd moeten nemen om de stelling tot winst te voeren. Nu vergreep hij zich aan enkele minder goede zetten en de kansen keerden om. Peter verloor hierdoor onnodig -niet voor het eerst dit seizoen- en zakte daardoor net onder de 50%. Ik denk dat Peter wat wedstrijdritme mist, nu hij voorlopig niet meer maandags voor de interne kan komen spelen. 1-1


Bord 3

Hans speelde met wit een extreem ingewikkelde stelling die grotendeels gesloten was. In zijn vertrouwde Engelse opstelling koos Hans dit keer voor b4-b5 met druk op de dame vleugel en op c6. Pas daarna kwam zijn standaard f4 opstoot, waarmee de stelling op twee fronten spanning kreeg.



Stand na 21... Ld7-e6?


Ik stond al iets beter, maar hier had ik kunnen toeslaan met 22.Tc4. Daarmee val ik het paard voor de 2e keer aan en het heeft geen veilig veld, noch kan het gedekt worden. Ook na eerst 22... Lxd5 23.exd5, kan het paard nog steeds niet naar e6. Ik speelde 22.Pc7 Tc8 23.b6 Lb3. 24.Dd2.



Ik had er flink over nagedacht en durfde een evt. pionverlies op a4 wel aan. Hij blijkt ook giftig. 24... Lxa4? 25.Tc4 en ik win materiaal. 25... Pb3 26.Da2 Pc5 27.Txa4 Pxa4 28.Dxa4 Txc7. Die zet verraste mij, maar is toch goed. 29.bxc7 Dxc7 30.Tc1 Dd8 31.Tb1 Dc7 32.Dc4? Dameruil is niet zo goed voor wit. 32... Tc8 33.Dxc7 Txc7 34.Lb6 Tc4 35.Lf1 a4



Na mijn volgende zet staat het ongeveer gelijk. Ik had de loper moeten terugtrekken naar e3 of desnoods e2. 36.d4? Te3? Hier kan wit nog uit de problemen komen met 37.e5. 37.Lg2 a3 38.Kf2 Tc3 39.Lf1 a2 40.Ta1 Tb3. Nu kan zwart het beste Txa2 spelen en een gelijk eindspel uitvluggeren. La7 geeft zwart al licht voordeel. Mijn zet in vliegende tijdnood was helemaal vreselijk. 41.Lc7 Lxd4+ en opgegeven. 1-2


Bord 4

Bij Ton met zwart was het ook lange tijd een spannende chaos die alle kanten op kon. Net toen ik dacht dat hij minder kwam te staan, won ook Ton een stuk tegen enkele pionnen. Maar deze pionnen stonden niet zo goed en konden makkelijk gestopt worden, waardoor Ton won. 2-2


Bord 8

Bij Dennis Wareman gebeurde het eerste kwartier helemaal niets. Hij was er namelijk nog niet. Dennis begon zo als gewoonlijk iets later dan de rest, op bord 8, maar dan gaat hij als een speer los en creëert hij meteen een mooie chaos op het bord. Gevaarlijk voor beide partijen, eigenlijk zoals elke ronde. De uitslag staat meestal pas vast als deze ‘hard’ op papier staat en de tegenstander al naar huis is. Het werd weer hard tegen hard en met Dennis’ zwarte koning nog in het midden werd de stelling geopend. Wit offert een pion voor aanval op de geëxposeerde koning van Dennis. Dan offert Dennis een stuk, ogenschijnlijk voor eeuwig schaak. Maar nadat de rook is opgetrokken, de papieren zijn ingevuld, en de tegenstander al naar huis is en naar bed gaat, blijkt dat Dennis (weer) gewoon gewonnen heeft! Hoe flikt hij dat toch telkens weer . Dat het hem niet altijd lukt blijkt uit zijn 3 uit 6 en dus 50% eindscore, waar echter geen enkele remise bij zit! 3-2


Bord 6

Dan Cor, onze jeugdige hoop voor de toekomst. Cor had zwart en moest een Colle systeem bestrijden. Colle is net als London een redelijk rustige (zo niet slappe) opening met d4, c3 en e3. Ook wel de Egel opstelling genoemd. Zoiets als we ook wel vaak bij Aat zien. . Cor koos voor een Hollandsachtige Stonewall opzet en loerde op aanval. Dat leverde ook wat gevaar op voor hemzelf. Na wat mindere zetten kwam Cor onder druk en een pion achter en even later offerde hij een kwaliteit voor tegenspel. Was dit wanhoop, of kwam de Vos los in Cor? Hoewel het technisch waarschijnlijk verloren was, wist Cor’s tegenstander niet te profiteren en kwam steeds meer onder druk te staan. De loper en de pion werden sterker dan de toren en met subtiel spel wist Cor de dame te winnen tegen toren en loper en daarna zijn h-pion naar de overkant te brengen. Dat kostte een toren, waarna Cor eenvoudig won! Dat bezorgde Cor een mooie score van 4½ uit 7 bij zijn debuut in ons 1e team. Dat belooft wat voor de toekomst! Samen met Sherief de coming man. 4-2


Bord 7

Intussen speelde Aat, gezellig gezeten naast Cor, met wit zijn favoriete London opstelling. Aat’s tegenstander deed het niet zo agressief en ambitieus als Cor, waardoor Aat een positioneel voordeeltje kreeg. Met meer ruimte en controle in het centrum wikkelde Aat af naar een beter eindspel. Uiteindelijk verwaterde dit voordeel en werd de remisemarge hersteld, met een half punt voor beiden in het vooruitzicht. Maar in de auto vertelde Aat doodleuk dat hij in de uitvlugger fase verloren had! Aat’s eindscore was wel 50% met 4 uit 8. 4-3


Bord 1

Bart speelde tegen de topscorer uit de PK, de heer K. (kabouter Plop) Dekker. Het zou toch wel apart zijn geweest als de topscorer van de PK zou degraderen naar de 1e klasse. Maar zeg nooit nooit. In een redelijk gelijke stelling uit Bart’s favoriete opening kreeg Bart met wit mooi stukkenspel een aanval voor de geofferde pion. Bart offert een toren (!) op f7 om de koning op te jagen. Zijn tegenstander verdedigt goed en even later heeft Bart een loper en twee pionnen voor de toren. Het gaat niet mat en na dameruil ontstaat er een eindspel dat goede kans op remise biedt. Alleen deze partij van (speelgoed) reus Bart tegen ‘Paulus de boskabouter’ Dekker was nog bezig. Prachtig toch als je zoveel mooie bijnamen genereert. Vriendelijk lachend speelde Kees ‘Titulaar’ onverstoorbaar door, ook toen DD 2 verloren bleek te hebben en DD en Rijswijk beiden gingen degraderen. Pisa was al veilig, maar Bart nog niet. Wat er precies misging weet ik nog niet zeker, maar zeker is wel dat er telkens een pionnetje van Bart in de doos verdween. Tot slot gaf zwart zijn toren voor de loper en laatste pion van wit, waarna hij zelf met zijn koning voor zijn eigen laatste pion kwam te staan. En ja, dan is het eindspel van K tegen K+pion helaas eenvoudig verloren voor de kale koning. En zo geschiedde. Bart verloor toch nog en de match eindigde in een verdiende 4-4 gelijke uitslag. Daarmee was Pisa gered en blijven ‘De Belgen’ netjes op de 5e plaats staan. Op naar het volgende seizoen en opnieuw een plek in het linker rijtje!


PS: het zal jullie opgevallen zijn dat ik zelf niet mee gespeeld heb. Ook tegen Botwinnik had ik al niet meer meegedaan. Het team was al veilig en ik kon daarom voor de 4e en 5e keer met het Schaakhuis mee spelen in de KNSB. Ik verwacht ook komend seizoen weer dezelfde constructie toe te passen. Beginnen bij Belgisch Park en ongeveer 6 wedstrijden mee spelen. Dan zijn we veilig en kan ik het seizoen afmaken met Schaakhuis 1 in de KNSB. Overigens wel leuk dat Schaakhuis 2 gepromoveerd is naar de Promotieklasse en dus volgend jaar ook onze tegenstander wordt. Dan doe ik graag met de ‘Belgen’ mee!

Voor partijen moet ik naar Hans, Ton of Bart kijken; en wellicht naar Sherief, want die heb ik zelf niet bij de hand. Ik was slechts de non-playing captain en de verslaglegger. Was getekend: GM.