Verslag interne en externe van 23 oktober

Door Hans

 

Volgens mijn navigatie zou ik iets te laat arriveren en dus had ik met 100 km/u alvast een indeling gemaakt. Ik had het net doorgebeld naar broer Ton, toen Sherief afzegde. Gauw een nieuwe gemaakt. Op de club aangekomen bleek Herman niet te komen. Dat had hij alleen Ruut laten weten. Tijdens indeling 3 kwam Gerard Milort de zaal binnenlopen om te zeggen dat hij niet kwam schaken. Indeling 4 hield eindelijk wel stand. Door de externe wedstrijd van het 2e (zie verslag aan het eind van wedstrijdleider Ton), bleven er nog slechts 4 wedstrijden over voor de interne. (Noot GM: Klopt Hans, ik moest eerst even langs het Schaakhuis. Later kwam ik nog terug om te kijken hoe het met het Tweede ging.)

 

Martin van Velzen maakte zich op voor een lastige klus tegen Aat. Toch kwam hij best goed te staan. In het dubbele toreneindspel greep Martin echter mis en kon Aat toch 1 punt bijschrijven. (GM: Na afloop vertelde Aat mij vrolijk lachend dat hij Martin met twee torens midden op het bord mat had gezet, toen hij de verkeerde kant op liep. Ik mis helaas het diagram…)

 

Martin de Groot zag in het middenspel pionwinst over het hoofd. Hij had het zwaar daar Evert telkens onverwachte zetten deed. Maar het was niet allemaal goed. Ke8-e7 terwijl er ook gewoon gerokeerd kon worden. Toen Evert dacht dat hij zijn toren wel even op g2 kon offeren, kwam hij van een koude kermis thuis. Hij kreeg er nauwelijks compensatie voor.

 

Frits Huizenga speelde remise tegen Johan.

 

Ik speelde met wit tegen Ruut. Mijn kritiek op de voorliefde van Ruut voor a6 en h6, hadden succes. Pas in het eindspel werd er h6 gespeeld. Mede hierdoor had ik een moeilijke avond. Ik was degene met tijdnood. In het begin liep alles nog wel op rolletjes, dankzij een te vroege dame uitval van Ruut.

 

Stand na 16... Dc4-a6

 

Hier is 17.e5 al ruim +3 voor wit. Erg vreemd dat ik die niet serieus heb overwogen. Ik probeerde de boel open te breken op de damevleugel. Een minder goed plan. 17.Tfb1 Pf6 18.a4 Thc8 19.Le3 Tc4 20.a5 Txb4 21.cxb4 Tc8

 

 

Oei, hoe ga ik nu pion e4 redden? Volgens Komodo moet ik hier 22.Da4+ spelen, met nog een klein voordeel, maar ik zag 22... b6 niet zitten. Maar na 23.Da1 is 23... Pxe4 niet de beste zet. Ik speelde 22.Dd1 Pxe4 en dacht dan met Df5 het paard te kunnen winnen. Maar zwart heeft dan natuurlijk eenvoudig f5. Ruut bood gelijk voor de tweede keer remise aan, maar dat mocht ik niet aannemen vanwege mijn ingestelde 30-zettenregel. 23.axb6 Pc3 24.Ta1

 

 

Hier begon Ruut flink na te denken. 24... Db7 durfde hij niet aan vanwege 25.Txa7, maar dat verliest na 25... Dx7 26.bxa7 Pxd1. Maar Ruut vindt een betere zet. 24... Pxd1 (axb6 is licht beter) 25.Txa6 axb6 26.Txb6 Pc3 en zwart blijft een pion voor. De d-pion kan niet meer gedekt worden. 27.Tb7+ Zwart staat 2 pionnen beter na 27... Tc7. Maar Ruut is al redelijk in paniek en heeft mij ingehaald qua verbruikte tijd. 27... Ke8 28.b5 Pxd5 29.b6 Pxe3 Ook niet de beste. Ik besluit met mijn koning te wandelen. Ruut doet vervolgens te veel pionzetten, waardoor mijn koning binnenwandelt en de pion achterstand ongedaan maakt. Een tweede pion valt en dan is het uit. Ruut wint wel de b-pion terug, maar moet daarvoor de torens ruilen. Aangezien mijn koning beter staat en ik de verre vrijpion heb, is het verder eenvoudig gewonnen.

 

 

Het tweede team speelde extern tegen de Haagse Ooievaar voor de 2de klasse A in de HSB.

 

 

Extern: RSCBP 2 - Haeghe Ooievaar 2

 

1. Cor Groen gebruikte veel tijd in de opening. Hij verloor ook nog een belangrijke centrumpion. Korte tijd later had hij die pion toch weer terug en had wat tegenspel. Hij moest alleen de eindfase in met 20 tegen 70 minuten. Uiteindelijk bleven alleen de dames en wat pionnen over, waarna het remise werd. (GM: In de slotstand met nog 20 seconden nam Cor het remiseaanbod aan. Met meer tijd had hij wellicht gezien dat hij met de uitval …De2 alsnog snel had kunnen winnen.)

 

2. De stelling van Gerard Werkhoven was lang in evenwicht. Pas in het eindspel kreeg ik lichte hoop dat er nog iets mogelijk was met een loper tegen een paard en pionnen op beide vleugels. Maar meer dan remise zat er niet in.

 

3.Floris de Leeuwe speelde met zwart een Scandinavische partij. Na een zet of 15 was een symetrische stelling ontstaan. Wit probeerde nog wat en verloor direct zijn e-pion. Floris leek te gaan winnen, maar het duurde nog tot de wederzijdse tijdnoodfase toen Floris een dame cadeau kreeg en het punt veiligstelde.

 

4. In een woeste opening van Dennis Ramondt leek het of hij al vroeg kon winnen met een paardoffer op f7. Ik wees Hans op de stelling en die wist te vertellen dat het allemaal theorie was en een offer nog te vroeg. De aanval leverde uiteindelijk een pion op en die was genoeg voor winst.

 

5. Gerard van der Zijden had een draak met korte rokade’s van beide. Na dameruil drong zwart met een toren binnen en won een pion. Een promoverende pion besliste de partij 1-0

 

6. Han Feenstra offerde een paard voor 2 pionnen. Zwart besloot een paard terug te offeren en alles lag nu open. Ondanks de achterstand van een pion waren de lopers zo sterk dat winst mogelijk leek. Het verzandde echter in remise.

 

7. In het middenspel veroverde Jan Wuister een pion na een lange afruil. Beide hadden nog een toren, een dame en 5 pionnen over. De witte stukken stonden echter actiever zodat de pion weer verloren ging, met remise als logisch resultaat.

 

8. John van Eck’s partij had de hoogste amusementswaarde. Hij offerde een stuk op f7 en kreeg daar 3 ŕ 4 pionnen voor. De zwarte koning werd het hele bord over gejaagd. Toen de tegenstander met nog 17 seconden op de klok een laatste wanhoop schaakje gaf dacht John dat hij mat ging en gaf gelijk in gewonnen stand op.

 

De uitslag was daarmee 5-3. Maar dat mocht ook wel, de gemiddelde rating van ons was 200 hoger dan die van Haagse Ooievaar 2. (GM: maar het had wel 6,5 – 1,5 kunnen zijn.)

 

Tot aanstaande maandag voor ronde 8 van de Interne.

 

Groet, Hans.